
Opleiding: Leren en Innoveren (professional Master)
Leerdoel
De masteropleiding ‘Leren en Innoveren’ is gericht op de leraar die expertleraar wil worden in het primair onderwijs. Het gaat om een opleiding waarbij de nieuwste inzichten op het gebied van leren en op het gebied van vernieuwen worden samengebracht in de context van de werkomgeving van de leraar. De opleiding verhoogt de professionaliteit van de leraar, zodat hij in staat is om onderwijsvernieuwingen kritisch te begeleiden en om deze te onderscheiden van trends, mythes en modes op onderwijskundig terrein.
Doelgroep
De master-student 'Leren en Innoveren' is na zijn opleiding de spil op school die verantwoord eenvoudige en complexe onderwijsvernieuwingen kan initiëren, uitvoeren en begeleiden. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om op te leiden voor een staffunctie of een managementfunctie. Het gaat om een opleiding die kan bijdragen aan het beter en professioneler functioneren van de leraar in het primaire proces.
Programma
De masteropleiding 'Leren en Innoveren' is gericht op de leraar die expertleraar wil worden in het onderwijs. In deze opleiding zijn de nieuwste inzichten op het gebied van leren en vernieuwen samengebracht in de context van de werkomgeving van de leraar. De opleiding beoogt de professionaliteit van de leraar te verhogen, zodat hij in staat is om onderwijsvernieuwingen kritisch te begeleiden en om deze te onderscheiden van trends, mythes en modes op onderwijskundig terrein.
Bij het opstellen van de beroepsrollen en de eindkwalificaties van de masteropleiding ‘Leren en Innoveren', is uitgegaan van de landelijk vastgestelde competentiebeschrijvingen. Een landelijke verkenning is hieraan vooraf gegaan. Op basis van de verkenning richt de master ‘Leren en Innoveren' zich op vier belangrijke rollen die binnen de onderwijsinstelling vervuld dienen te worden:
- Excellente leraar;
- Ondernemende ontwikkelaar;
- Reflective practitioner en begeleider;
- Gesprekspartner voor collega's.
Het programma heeft de volgende kenmerken:
- De opleiding is competentiegericht
- Er wordt in groepjes gewerkt aan beroepsproducten, die zo veel mogelijk passen bij de context waarin men werkt
- Tijdens het werk en de studie wordt door docenten feedback gegeven op de ontwikkeling van de student
- Praktijkgericht onderzoek maakt deel uit van de opleiding. De daarvoor noodzakelijk kennis en vaardigheden worden in workshops, practica en trainingen geoefend. Tijdens het onderzoek is er intensief contact met één van de begeleiders.
Na een intake start het programma met het onderdeel 'Introductie en Oriëntatie'. In het eerste jaar volgen daarna drie leerarrangementen:
- 'Zin in leren'
- 'Onderwijs ontwerpen'
- 'Onderzoek'
Het laatste leerarrangement loopt als een lintprogramma door de leerarrangementen van het eerste en het tweede jaar heen.
In het tweede jaar staat het vervolg van het leerarrangement 'Onderzoek' geprogrammeerd en de leerarrangementen:
- 'Initiëren en begeleiden van onderwijsvernieuwingen'
- 'De maatschappelijke context van onderwijs'
De opleiding wordt afgerond met de integratiefase.
Toelatingseisen
Van beginnende masterstudenten wordt verwacht dat ze:
- Een bachelordiploma in een educatieve functie hebben, bijvoorbeeld leraar primair onderwijs
- Beschikken over een werkplek waarin aan onderwijsvernieuwing gewerkt kan worden;
- Kunnen rekenen op steun van de leiding van de school;
Met iedere deelnemer wordt een intakegesprek gevoerd om aan de weet te komen (1) met welke kennis en ervaring men aan de opleiding begint, (2) wat de context is waarin men werkt en (3) wat de ambities zijn waar aan gewerkt gaat worden. Met iedere student wordt een traject afgesproken waarbij de ambities afgestemd worden op de mogelijkheden van de opleiding en de ambities van medestudenten.
