Opleidingen van Nederlandse School voor Openbaar Bestuur:
Master
Post-hbo
- IML Interdepartementale management leergang
- Leeratelier toezicht en naleving
- Metropool
- Strategisch Leidinggevende Leergang (SLL)
U bent doorverwezen naar 'Hogeschool Utrecht - Centrum voor Maatschappij en Recht'

Nederlandse School voor Openbaar Bestuur
Master of Public Administration
Opleiding: IML Interdepartementale management leergang
Leerdoel
De Interdepartementale Management Leergang (IML) is sinds 1996 een toonaangevende opleiding voor leidinggevende ambtenaren in de rijksdienst. Het SG-Overleg is opdrachtgever van de opleiding, NSOB en Berenschot zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het curriculum.
Verbreding van kennis, verdieping van inzichten en de verbinding met de buitenwereld staan centraal in de IML. Beleids- en uitvoeringsprofessionals ontmoeten elkaar in een intensief programma, dat in meerdere modulen verbanden legt tussen persoonlijke effectiviteit, theorie en reflectie. Door buiten de kaders te treden van het eigen werkdomein leidt de IML professionals op die hun eigen wereld beter doorgronden en deze daardoor beter - soms zelfbewuster, soms bescheidener - kunnen vormgeven. Daarin worden ze begeleid door docenten uit wetenschap en praktijk, die behoren tot de top van wat Nederland te bieden heeft.
De kruisbestuiving tussen theorie en praktijk en tussen beleid en uitvoering, het hoogwaardige curriculum en de inzet van topwetenschappers en -practitioners maken de IML tot een opleiding die geen enkele leidinggevende in de rijksdienst mag missen.
Doelgroep
De IML is een verrijkend en uitdagend programma, van circa 15 maanden, voor leidinggevenden vanaf schaal 14, die werkzaam zijn bij de departementen en hun uitvoeringsorganisaties. De leergang biedt deelnemers zowel theoretisch, praktisch als persoonlijk repertoires om in de complexiteit van hun organisaties en hun omgeving leiderschap te ontwikkelen, voorbij de managementvaardigheden. Op deze manier vormt de IML een onmisbare bron van kennis, vaardigheden, ervaring en ideeën.
De departementen zelf gaven opdracht tot ontwikkeling van de IML, vanuit de behoefte aan verdieping en reflectie voor ambtenaren in hogere functies. De dynamische omgeving, zowel bestuurlijk als maatschappelijk, vraagt om een rijksdienst die in staat is zich voortdurend te situeren in die dynamiek. Dat stelt hoge eisen aan leidinggevenden. Afstand kunnen nemen van de waan van de dag; het vermogen om bruggen te bouwen tussen verschillende beleidsdomeinen, beleid en uitvoering, overheid en samenleving; een scherp gevoel voor de eigen professionaliteit versus de bestuurlijke realiteit - het zijn bij uitstek de bekwaamheden waaraan de rijksdienst behoefte heeft.
Toelatingseisen
Deelname aan het IML-traject is mogelijk nadat een kandidaat door het eigen departement is geselecteerd. De departementen zien er nauwlettend op toe dat deze kandidaten gemotiveerd aan het leertraject starten en niet verplicht worden deel te nemen.
Programma
De Interdepartementale Management Leergang bestaat uit vijf samenhangende modulen, over een periode van circa vijftien maanden. Elke module bestaat uit drie delen: praktijk en persoonlijke effectiviteit, theorie en reflectie.
Overheid en Samenleving
De eerste module verkent de grenzen van het publieke domein. Hoe ontwikkelt zich de verhouding tussen samenleving en overheid en tussen markt en overheid? En welke patronen in overheidshandelen tekenen zich in dit perspectief af?
De module is tevens bedoeld om honger op te wekken naar de verdieping en kennisontwikkeling in de volgende vier modulen.
Nederland en Europa
De tweede module gaat in op de Europese ontwikkeling en de betekenis daarvan voor het Nederlandse openbaar bestuur. De internationalisering van de samenleving en de opkomst van Europese instituties hebben verstrekkende gevolgen. Wat betekenen ze voor het nationale bestuur en de nationale beleidsruimte? En welke rol kan Nederland internationaal spelen?
Organiseren, veranderen en leidinggeven in de publieke sector
De derde module verbindt de praktijk van de deelnemers met veranderkundige theorie. Welke veranderingen en vernieuwingen voltrekken zich in het openbaar bestuur? Hoe kunnen leidinggevenden deze veranderingen mede richting geven? Begrippen en instrumenten uit de veranderkunde worden in kaart gebracht. Deelnemers brengen de eigen aanpak in en ordenen en analyseren de daaruit voortvloeiende interventies. Doel is een actieve en reflectieve houding te ontwikkelen om zo tot vernieuwende oplossingen te komen voor bestaande organisatievraagstukken.
Politieke leiding en ambtelijke organisatie
De vierde module stelt de voor velen moeilijkste, maar tegelijkertijd spannendste dimensie van de ambtelijke professionaliteit centraal: het werken met bestuur en politiek. Welke ontwikkelingen doen zich voor in de relatie tussen politieke leiding en ambtelijke organisatie? De dunne lijnen tussen dienstbaarheid en eigen ambtelijke verantwoordelijkheid, tussen bestuurlijke voorkeuren en professionele wensen, tussen wat de minister wil en wat de minister moet weten, zijn uiterst subtiel. Deelnemers krijgen gereedschap aangereikt om bewuster met hun politiek-bestuurlijke intuïtie om te gaan.
Bestuurlijke transformatie
De vijfde module focust op de vraag welke transformaties - zowel beleidsinhoudelijk als bestuurlijk en organisatorisch - zich in de context van het openbaar bestuur voltrekken. Wat is de concrete doorwerking daarvan? En hoe valt die doorwerking te bevorderen. Deze module benut kenniselementen die in voorgaande modules zijn aangereikt en zoekt nadrukkelijk de actualiteit op in het debat over de toekomst van het openbaar bestuur.
Eindopdracht
De leergroepen werken alle in competitie aan een gelijkluidende opdracht die leidt tot een eindwerkstuk, meestal in de vorm van een rapport en een presentatie. Het onderwerp wordt aangedragen door het overleg van secretarissen-generaal.
Afsluiting
De IML wordt afgesloten met een slotmiddag waarop de leergroepen de resultaten van hun eindopdracht presenteren en verdedigen aan een panel van topambtenaren en hoogleraren. Er volgt een discussie in aanwezigheid van leden van het curatorium, de opdrachtgevers, kerndocenten, leercoaches, programmaleiding, werkgevers (leidinggevenden), mentoren, (oud)deelnemers aan de IML en andere belangstellenden, waarna het panel bepaalt wie de beste eindopdracht heeft voltooid. Degenen die de leergang met succes hebben doorlopen, krijgen een certificaat uitgereikt.
