
Opleiding: Master in de Huisartsgeneeskunde
Leerdoel
Om de academische graad van huisarts te verwerven moet de masteropleiding huisartsgeneeskunde worden gevolgd. De student die deze opleiding volgt wordt ‘Huisarts in opleiding’ (HAIO) genoemd.
Doelgroep
Houders van een diploma doctor in de genees-, heel- en verloskunde of arts die een functie beogen als erkend huisarts in de gezondheidszorg.
Programma
De totale duur van de beroepsopleiding is drie jaar, waarbij het eerste jaar kan samenvallen met het zevende jaar van het basiscurriculum.De ‘Master in de huisartsgeneeskunde’ omvat enkel het tweede en derde jaar van de specifieke opleiding in de huisartsgeneeskunde. Deze twee jaar bestaan uit een voltijdse en bezoldigde praktijkuitvoering (bij een aangestelde praktijkopleider) en uit deelname aan groepsbijeenkomsten (seminaries) die worden begeleid door een stagemeester-coördinator. Daarnaast zijn er ook thematische opleidingsessies en vormen van ‘afstandsleren’. Als afronding van deze opleiding wordt een masterproef afgelegd.
Toelatingseisen
De opleiding huisartsgeneeskunde is alleen toegankelijk als tenminste 6 studiejaren van het basiscurriculum geneeskunde met goed gevolg zijn afgerond. De studenten die een basisarts-diploma haalden en na het volgen en slagen in de proeven van het eerste jaar van de huisartsopleiding worden toegelaten tot de masteropleiding. Niet-Nederlandstalige studenten kunnen het geschiktheidsattest slechts bekomen indien zij ook geslaagd zijn in een taaltest Nederlands niveau 5, zoals dit ook geëist wordt als toelatingsvoorwaarde voor niet-Nederlandstalige studenten om één van de opleidingsjaren uit de basisopleiding geneeskunde te mogen volgen.
Evaluatie en diploma
Het eindexamen bestaat uit:
- een schriftelijke kennistoets met multiple choice vragen;
- een mondelinge proef, waarbij de student via zelf aangebrachte casussen toont in welke mate hij de essentiële kennisaspecten, attituden en metacognitieve vaardigheden verworven heeft;
- een stationsproef met 20 stations, waarbij de student geobserveerd en gescoord wordt via observatieschalen door praktijkopleiders;
- een beoordeling van de praktijkstagespersoonlijke opleidingsportfolio en seminaries;
- een masterproef bestaande uit een weten-schappelijk project (met een scriptie en mondelinge verdediging).
