| Toelichting |
Tijdens deze cursus worden methoden besproken waarmee vastgesteld kan worden of een stof kankerverwekkende eigenschappen heeft voor de mens, en hoe het risico van zo'n stof kan worden geschat. Bij de bevolking in het algemeen -en bij werknemers in het bijzonder- bestaat veel angst omtrent mogelijk kankerverwekkende stoffen. Zelfs stoffen die niet -of slechts onder uitzonderlijke omstandigheden- kankerverwekkend zijn, zijn vaak verdacht voor 'het publiek'. Men vertrouwt vaak de uitspraken van de 'deskundigen' niet of wil een zekerheid die soms niet te geven is.
Deze problematiek speelt ook een rol door het stoffenbeleid van de Europese Commissie, Registration, Evaluation and Authorisation of CHemicals (REACH). Dit beleid houdt onder meer in dat de veiligheidsrisico's van alle chemische stoffen, waarvan in Europa meer dan een ton per jaar wordt geproduceerd of verkocht in kaart moeten worden gebracht.
Resultaat Tijdens deze cursus krijgt u inzicht in de manier waarop vastgesteld wordt of een stof kankerverwekkende eigenschappen heeft voor de mens, en hoe het risico van zo'n stof kan worden geschat. U ziet hoe optimaal gebruik gemaakt wordt van de vaak beperkte gegevens.
- Inleiding: Carcinogeniteit - DNA schade, DNA herstel en mutagenese en de ontwikkeling van kanker - Testen op mutageniteit in relatie tot carcinogene eigenschappen van genotoxische stoffen. - Carcinogeniteitstesten in proefdieren: betrouwbaarheid en interpretatie - Epidemiologie en carcinogene werking - Van experimentele en epidemiologische gegevens naar een schatting van kankerrisico - Risico-evaluatie in de praktijk: vinylchloride en dioxines - Nieuwe methodieken voor voorspellen genotoxiciteit: toxicogenomics
De sprekers van deze dag zijn allen betrokken bij het beoordelingsproces van potentieel carcinogene stoffen ten behoeve van overheidsbeleid. Zij zullen aan de hand van de beschikbare gegevens over een aantal stoffen, zoals benzeen, dioxine of dichloormethaan, aangeven hoe het proces van risicoschatting verloopt, wat de zekerheden zijn in een dergelijk proces en hoe omgegaan wordt met de onvermijdelijke onzekerheden. Immers, vaak zijn de gegevens zeer beperkt en is een conclusie niet eenduidig te trekken. Hoe kan men in die situatie optimaal gebruik maken van die beperkte gegevens?
Cursusleiding en docenten prof.dr. B. van de Water, LACDR (Leiden-Amsterdam Centre for Drug Research), Universiteit Leiden (cursusleider) dr. J.G. Jansen, LUMC (Leids Universitair Medisch Centrum), Leiden dr. M.J.M. Nivard, LUMC (Leids Universitair Medisch Centrum), Leiden dr P.J. Boogaard, Shell Health, Den Haag dr. R.A. Woutersen, TNO-Voeding, Zeist dr.ir. R.C.H. Vermeulen, Inst. for Risk Assessment Sciences. Universiteit Utrecht dr.ir. P.W. van Vliet, Gezondheidsraad, Den Haag
Dagindeling: 09.00 - 17.00 uur |